TIJDING VAN VREUGDE: DE WERELD EN DE MENS EEN COLLAGE VAN TIENDUIZEND MOGELIJKHEDEN

 

Het klinkt zo gewoon en heel begrijpelijk: in die dagen kwam er een besluit (i. c. van keizer Augustus) dat er een volkstelling moest gehouden worden en allen gingen op reis, ieder naar zijn eigen stad. Ook Jozef en Maria deden dat indertijd en zij vertrokken van Nazareth, waar zij woonden, naar Betlehem, de stad van Jozefs voorvaderen. Kortom, Jozef vervult de plicht van een ordentelijke burger in een geordende staat.

 

Opmerkelijk genoeg is de arts Lucas de enige evangelist die dit vermeldt. Lucas schrijft nl. aan een hooggeplaatste Romein, Teofilus, aan wie hij een ordelijk verslag wil doen van wat Jezus’ tijding van vreugde inhoudt. Hij begint te vertellen hoe de gebruikelijke toestand is, de collage van het moment, die van de geboden, de verplichtingen, de verordeningen: alle lof ook voor de Romeinse staat die op het hoogtepunt stond van zijn kunnen bij een nieuwe ordening, collage, van mensen, ideeën, belangen en groepen die bepaald niet gering was!

Hoe geeft Lucas nu het buitengewone van Jezus leer weer? Hij haalt een andere situatie naar voren, andermaal met een Romein als initiator, katalysator. Het is een legeraanvoerder die kennelijk belangstelling had voor het Joodse geloof, want vertelt Lucas, hij had op eigen kosten bijv. een synagoge laten bouwen, blijk gevend van de wens om te komen tot een collage van de Grieks -Romeinse cultuur met die van de Joden.

Nu had deze honderdman een stervende knecht, waaraan hij zeer is gehecht. Hij stuurt oudsten van de Joden naar Jezus, van wie hij nl. had gehoord dat Hij zieken kon genezen –  wie weet ook een stervende ? –  ,  met het verzoek naar hem toe te komen. Let op: de honderdman gaat niet zelf naar Jezus toe – is hetgeen ik nu juist zou wensen niet een brug te ver, verlang ik niet het onmogelijke ?.  Maar dan komt de wending als Jezus zijn huis nadert. Dan stuurt de honderdman  opnieuw vrienden van hem naar Jezus met de woorden: ”Heer doe geen verdere moeite, ik ben niet waard dat Gij onder mijn dak komt ….maar één woord van U is voldoende  om mijn knecht te doen genezen” (Luc.7:1-11)

Een uitspraak die miljoenen in de gehele wereld in alle talen wekelijks de honderdman plegen na te zeggen. Beseft men evenwel ten volle wat de wending, de gans nieuwe collage, is die die honderdman aangeeft?  Die honderdman maakt een opmerkelijke , transcenderende, vergelijking met het woord van de hogergeplaatste waaraan in een geordende samenleving gehoor wordt gegeven: tot zijn manschappen zegt hij, ga  en ze gaan, of kom  en ze komen, tot de knecht doe dit of doe dat en hij doet dat. Die honderdman weet evenwel dat hij tegen zijn stervende knecht niet kan zeggen, sta op  en hij doet dat. Die honderdman ziet uit naar Iemand die een scheppend, her-levend, woord zou kunnen spreken dat van een heel andere orde is, dat een revolutionair nieuwe collage der dingen aanbrengt. En Jezus herkent dit grootse verlangen naar een geheel nieuwe orde en geeft als antwoord tot het volk dat met Hem optrekt: ” Ík zeg U: zelfs in Israël heb ik zo’n groot geloof niet gevonden”(!). Het moeilijk denkbare wordt opeens niet alleen heel goed denkbaar, maar kan zelfs werkelijkheid worden.

Het Woord heeft in de Joodse klassieke boeken, die we de Bijbel noemen, een heel speciale betekenis. Heel duidelijk komt het besef naar voren dat wat gezegd wordt pas betekenis krijgt als iemand of iets het hoort, verstaan en begrepen heeft en er naar handelt. Het woord, als een collage ook opgenomen in zinnen, krijgt pas de werking wanneer de luisteraar, of lezer, de woordenreeks kan transcendenteren, die het gegevene overschrijdt in de richting van een doel. Een zin van de gesprekspartner begrijpen, is namelijk begrijpen wat hij ”wil zeggen”, met andere woorden, meegaan met zijn transcendentiebeweging, me samen met hem werpen in de richting van nieuwe mogelijkheden en doeleinden. Het woord is zoiets als een bevroren gedachte, die het denken van diegene die hoort, als het ware moet ontdooien. Als een collage vormen de woorden een nieuwe werkelijkheid.

De Joodse klassieken onderkenden zeer wel dat woorden voortdurend in beweging zijn, omdat het proces van redeneren, van scheppen van nieuwe werkelijkheden, geen einde kent. Binnen het domein van de woorden en het procesmatige denken en spreken zullen we nooit een onveranderlijke regel vinden, waarmee we met dezelfde zekerheid kunnen bepalen van wat juist of onjuist is, zoals de zekerheid waarmee we vaststellen wat klein of groot is met behulp van getallen, of wat zwaar en licht is met behulp van gewicht, kortom, waar de maatstaf of de meeteenheid altijd dezelfde is. Intussen: argumenten zijn als palingen, hoe logisch ze ook zijn, ze kunnen toch wegglippen uit de zwakke greep van de redenerende geest, tenzij ze met beeldspraak en stijl meer vastigheid krijgen. We hebben metaforen nodig om ons een voorstelling te vormen van wat we niet kunnen zien of aanraken, anders beklijven ze niet. Ja, verhalen vormen voor ons mensen, al eeuwen lang, een onmisbaar element om onze gedachten, gevoelens, ervaringen, om het onbegrijpelijke (noodlot) hanteerbaar te maken, om bemoediging en troost te ontvangen. En dat alles eens te meer in een tijdvak van grote ingrijpende veranderingen.

Welnu, de Joodse klassieken hebben die ordenende functie (zoals alle klassieke werken uit de wereldliteratuur, van Oost en West) en daarin komen we die metaforen dan ook herhaaldelijk en vaak tegen, om nader het scheppingsproces, de collage van het leven, te duiden. Wil het woord enige betekenis hebben dan moet dat gehoord worden en in een activiteit uitmonden en zo dan weer terugkeren naar de spreker. Schitterend verwoord al in de eerste alinea’s van Genesis: ”De aarde was woest en ledig en de geest van God zweefde daaroverheen.” Dan spreekt Hij: ”er moet licht zijn enz.” En naar dat verhaal, die metafoor, (her-) schept de mens: al eeuwenlang richt de mens het woord tot zijn medemens en de materie en met de antwoorden die komen, schept hij van alles en nog wat: organisaties, staten, bouwwerken, spoorwegen, vaartuigen, vliegtuigen en kan de mens allerlei nieuwe voedende planten kweken, ja ziekten bestrijden enz. Dit alles kan alleen wanneer voor ogen wordt gehouden dat het woord dat gesproken wordt, er één is dat op een antwoord wacht, een antwoord dat wel gegeven kan, ja moet worden door de aangesprokene. Soms duurt dat lang, maar de scheppende mens is alleen maar tevreden wanneer zijn woord naar hem terugkeert als het vrucht heeft gedragen. Zijn scheppend woord is als regen die de aarde doordrenkt om vruchten te geven.

 

Jazeker, ook de klassieke Grieken wisten van die scheppende kracht, die magie van het woord. Plato schrijft in de Phaedrus bijv.: ”Vindt de dialecticus een geschikte ziel, dan plant en zaait hij daarin betogen, die vergezeld gaan van kennis en die in staat zijn en zichzelf en de zaaier te helpen, betogen die, ver van onvruchtbaar te blijven, een kiem insluiten, waaruit in andere gemoederen weer andere betogen opschieten, zodat ze de kiemkracht onsterfelijk weten te behouden, betogen, die hun bezitter zo gelukkig maken als een mens gelukkig kan zijn ”. Wat Plato ook heel goed weet, zeker wanneer een woord op schrift wordt gesteld, “bevroren wordt, zwart op wit, gebeiteld in steen”is, dat niettemin het betoog ”dan wentelt en golft …. in alle richtingen, en belandt het evengoed bij bevoegden als bij lieden die er niets mee uit te staan hebben… want het geschreven woord is niet in staat zichzelf te verdedigen of te helpen ”.We weten maar al te goed in deze moderne tijd, waarin de media en de propaganda ons dagelijks overspoelen, dat het gevaar bestaat dat de taal niet alleen dicht en denkt voor ons, maar dat ze ook ons gevoel stuurt, ja ons gehele psychische wezen stuurt, en te meer wanneer we ons vanzelfsprekender en onbewuster aan de taal overgeven. Op die wijze kan een woord ook erger slachtingen aanrichten dan een zwaard!

 

 

Maar wat een wereld van verschil tussen het Symposion van Plato en het symposion dat ons bijv. in het boek Job wordt voorgelegd! Bij de Joodse klassieken is dat scheppende woord nauwer verbonden met een concrete actie, met een onvoorstelbare worsteling met de medemens, ja zeker ook een geweldige worsteling met God, zoals bijv. bij Homerus het niet zou opkomen zelfs, ja met een worsteling met de natuur die kan resulteren zelfs in een totale  omvorming van de materie ook. De klassieke Grieks - Romeinse denkwijze daarentegen ziet meer dat de  materie de mens zijn beperkingen oplegt: de scheppende mens kan die materie slechts overwinnen door te gehoorzamen. In die visie moet er een duidelijk en hecht verband bestaan tussen het Woord en het Ding (water = H2O ; of de icoon van Paulus = Paulus zelf, kortom: eenduidig en rechtlijnig, vergelijk ook de icons van de personal computer) . En toch, Moeder Natuur heeft het ons voorgedaan bij de schepping en de evolutie en middels verleidingen (van rijke oogsten, land van melk en honing enz)en prikkels (natuurrampen, ziekten en plagen enz) stuwt zij de mensheid voort om voor de elementen nieuwe combinaties, collages te maken. Jazeker, Hippocrates en Galenus zagen al elementen van de mens, maar de arts Lucas reikt nog verder dan de “drie stelsels en de vier lichaamssappen”. Jazeker, nu kennen de medici en andere geleerden de “tienduizenden”elementen van de mens en de natuur en experimenteren zij met nieuwe verbindingen (collages) tot heil en genezing van de mens en ter verbetering van de natuur. Onze kleine kinderen leren we al met de vele elementen van Lego de talloze mogelijkheden, combinaties, collages te verkennen om ze voor te bereiden op het volwassen leven van de moderne tijd.  De arts Lucas reikt nog verder, want voor hem Teofilus, is de bestaande orde niet de heilige, onwrikbare orde der dingen!

Immers de mens moet oppassen niet op een gegeven ogenblik de slaaf te worden van die materie, en ook dat hij maar gewillig luistert naar een besluit dat uitging om dit of dat te doen. Het slaafs luisteren naar (natuur) wetten, tradities, regels en wat dies meer zij, moge praktisch en mathematisch volstrekt juist zijn, maar kan de mens degraderen tot mechanische wezens, tot robots. En wij zijn geroepen om een geheel nieuwe aarde en hemel te maken.

 

Lucas beschrijft die verschillende denkwijzen op velerlei wijze heel goed. Maria zegt bijv. na de aankondiging van de geboorte van Jezus: ”zie de dienstmaagd des Heren; mij geschiede naar Uw woord” en daarmee uit en klaar. Jozef trekt ook naar Betlehem, niet vanwege zijn geloof of de familietraditie, maar omdat hij gehoor geeft aan een bevel van de Keizer.

Daartegenover plaatst Lucas andere personen, zonder slaafse neigingen, zoals bijv. Elisabeth, Johannes(de Doper), Zacharias, en Simeon, die net als die honderdman uitzien naar iets heel nieuws dat nog in het verschiet ligt en dat niet is van deze hemel en aarde, niet is van de bestaande overgeleverde collage. En daarover zijn zij uitgelaten, opgetogen, gaan zij ” uit hun dak”. We kunnen volgens die visie verlost raken van de slavernij van de oude bedeling, van een drukkende last van vooroordelen, van “eeuwigdurende “ tradities, wetten en regelingen, bevrijd worden van de nood van ons materiële bestaan, van lijden, en ziekten en dood, van de eeuwige wenteling van het noodlot. We kunnen een nieuwe collage van de werkelijkheid maken. Dat is waarachtig een tijding van vreugde!

Een voorbeeld om die metafoor te vertalen naar de dag van vandaag. Lucas schreef: Hij heeft mij gezonden om aan armen de Blijde Boodschap te brengen, aan gevangenen hun vrijlating bekent te maken, om verdrukten te laten gaan in vrijheid enz. Wel nu, op 2 april 1917 sprak president Wilson van de VS deze gedenkwaardige woorden, die de oorlogsverklaring van de VS aan Duitsland inluidde: ”it is a fearful thing to lead this great peaceful people into war, into the most terrible and disastrous of all wars, civilization itself seeming to be in balance. But the right is more precious than peace, and we shall fight for the things which we always carried nearest our hearts – for democracy, for the right of those who submit to authority to have a voice in their own government, for the rights and liberties of small nations, for a universal dominion of right by such a concert of  free peoples as shall bring peace and safety to all nations and make the world itself  at last free”.

 

Toen president Wilson deze her - scheppende woorden sprak liep een Europese burgeroorlog van ongekende omvang, die miljoenen mensen het leven had gekost, ten einde en nog verwoestender oorlogen die nagenoeg de hele wereld omspanden lagen in het verschiet. En toch: we kunnen nu, bijna een eeuw na Wilson zeggen dat al die oorlogen er inderdaad toe geleid hebben, zoals hij hoopte en geloofde: ”to make the world safe for democracy.”

 En zoals men weet vooronderstelt democratie krachtig ontwikkelde individuen. Alleen zij kunnen de beklemming, de kluisters van (versteende) woorden, tradities, sociale orden, staatkundige, economische en culturele structuren doorbreken en geheel nieuwe verbanden aangaan, en zo het perspectief openen op een nieuwe hemel en nieuwe aarde, zo het ondenkbare bedenken en tot werkelijkheid maken. Ziedaar de tijding van vreugde!

En we zien rondom ons overal dat nieuwe baan breken, niet alleen in de vorm van democratie, maar ook in de kunsten, denk maar aan Picasso, Bracque het Dadaïsme, denk ook aan Marcel Proust op zoek naar de collage van onze herinneringen, we noemden al de grote vorderingen bij de medische wetenschap, de plantveredeling die ongekende oogsten oplevert, de supersnelle verbinding die het World Wide Web legt tussen mensen, individuen,  overal ter wereld, en er is zoveel meer nog  waar we ons dagelijks over kunnen verheugen. Lucas visie wordt werkelijkheid!

 

Zalig Kerstfeest en een Voorspoedig Nieuw Jaar 2005 toegewenst door

Francien en Max, ’s-Gravenhage, december 2004.

 

 

Wat een collage hiernaast! De oude glorie is vergaan, maar een nieuwe in de maak en dat met hemelse muziek van Bach!

 

Woord van dank voor onze dappere kunstenares Kelly - die graag de begane wegen verlaat om de onbetreden paden te verkennen - voor de eerste 5 illustraties bij deze collage, voor onze Florian die de zesde maakte, Hyperion voor de laatste illustratie en voorts danken wij Th á Kempis voor de talrijke inspirerende gedachten wisselingen.

 

 Ga naar de Kerstoverwegingen
 Ga naar het Kookboek
 Ga naar het Diabetisch kookboek
 Ga naar de welkomstpagina